Siemon Reker over taal van Harm van Riel en Henk Koning

29 juni 2017

Foto: Pixabay Foto: Pixabay

Siemon Reker nam veurig jaor ofscheid as hoogleraar Groninger taal en cultuur en as heufd van Bureau Groninger Taal en Cultuur. Siemon is nog aait drok bezig mit de taal. Hij hef ok zien eigen blog. Dizze keer giet dat over twee Drentse politici: Harm van Riel en Henk Koning. Hieronder kuj de column lezen.

 

 

 

 

HOOGST

De Tweede en de Eerste Kamer horen bij de zogeheten Hoge Colleges van Staat, organen die als het ware de Eredivisie in ons bestel vormen. Daarvan maken bijvoorbeeld ook de Raad van State en de Nationale Ombudsman deel uit, maar die verrichten hun werk achter gesloten deuren.

Als iemand in de Kamer het woord voert, kan hij of zij spreken van “deze Hoge Vergadering” en daarmee dus op een respectvolle manier refereren aan een overleg binnen dat Hoge College. Hoge-vergadering is tegenwoordig wat we kunnen noemen een uit-de-mode-woord. Luns (de lang dienende minister van Buitenlandse Zaken, 1952-1971) had een sterke voorliefde voor deze manier van het uiten van ontzag, om het even of dit nu meer of minder door hem gemeend was. In de Senaat spreekt hij over de situatie in Nigeria (18 april 1967) en over een revolutie aldaar. Daarmee reageert hij op een eerdere opmerking van Harm van Riel (VVD) die hem vervolgens met een verrassende opmerking van repliek dient: “Mijnheer de Voorzitter! Het heeft mij in de eerste plaats verheugd, dat de Minister van Buitenlandse Zaken ons een primeur heeft medegedeeld. Ik had namelijk uit de kranteberichten de indruk gekregen, dat de revolutie van gisteren zich in Ghana had afgespeeld.

Minister Luns: Mijnheer de Voorzitter! Mag ik hierop even ingaan? Het zou mij niets verwonderen, wanneer de geachte afgevaardigde volstrekt gelijk had. Indien dat zo is — en ik begin thans in te zien, dat hij gelijk heeft, ik las het bericht vanochtend in het vliegtuig uit Parijs — dan bied ik aan deze hoge vergadering en via deze hoge vergadering aan de regering van Nigeria mijn verontschuldigingen aan.

De heer Van Riel: Mijnheer de Voorzitter! Ik dank de Minister voor zijn als steeds zo heldere, mannelijke en moedige uiteenzetting.”

Van Riel was in politiek opzicht wat heet de peetvader van Hans Wiegel, vrijgezel en iemand met hoorbaar Drentse wortels. Zijn partijgenoot Henk Koning sprak niet zulk typisch regionaal Nederlands, ofschoon geboren in Beilen (Drenthe). Tussen hem en zijn partijgenoot Van Riel bestonden overigens diverse overeenkomsten. De fiscalist Koning was ondermeer staatssecretaris, hij ging later naar de Algemene Rekenkamer, ook een Hoog College van Staat. Hij overleed op 31 december 2016.

Terwijl Luns het niet aangenaam vond om in de Eerste of Tweede Kamer te verschijnen (“Ik zeg niets nieuws, wanneer ik stel, dat een der zwaarste kanten van de ministersfunctie de regelmatige en in een democratisch bestel zo noodzakelijke confrontatie met de Staten-Generaal is,” zei hij tegen de Senatoren op 24 april 1963), genoot Koning daar juist van. Hij was op 27 juni 1989 de laatste die de term hoge vergadering in de Eerste Kamer liet vallen. Bij z’n optreden op 1 november van datzelfde jaar in de Tweede Kamer neemt hij bijna afscheid als bewindsman en zegt terugblikkend: “Ik wil verder zeggen dat ik deze functie met zeer veel genoegen heb verricht en dat ik ook met het grootste genoegen terugdenk - ik voel mij namelijk prettig in dit huis - aan de discussies en de debatten in deze vergadering. Ik wil degenen die daaraan hebben deelgenomen, van mijn kant ook mijn dank betuigen. Ik hoop in ieder geval dat ik in deze afgelopen zeven jaren, misschien met een enkele uitzondering, niet in eerbied voor deze hoge vergadering te kort ben geschoten.” Dat is de allerlaatste maal dat hoge vergadering in het Nederlandse parlement gebruikt werd, tot dusver.

Maar Henk Koning was niet helemaal klaar, de Kamer had aansluitend nog een termijn over een fiscaal wetje en het lid Jacob Reitsma (CDA) overwoog daarin, een uitspraak van de Kamer te vragen maar bedacht zich: “Ik zie echter om twee redenen af van het indienen van de motie. Ten eerste is deze staatssecretaris - hij heeft dat vanmiddag nog nadrukkelijk gezegd - hoogst demissionair. In een andere discussie heeft hij de woorden "hoogst zwanger" in de mond genomen.” De Handelingen laten de staatssecretaris daartussen roepen: “Op alle dagen!”

Koning was geboren in Beilen, groeide tijdens zijn gymnasiumtijd waarschijnlijk op bij z'n grootouders op een boerderij onder de rook van Groningen en kende op grond daarvan waarschijnlijk wat later in het Drentse woordenboek van Kocks e.a. kwam (Die vrouw löp op alle dagen) of in Ter Laans Groninger woordenboek stond (Zai löpt op aal doagen), beide met de betekenis: ze staat op het punt van bevallen. Nog geen week na dat Kamerdebat trad het kabinet-Lubbers III aan, een coalitie van CDA en PvdA. Henk Koning was toen weer gewoon lid van dat Hoge College, de Tweede Kamer.